Recente stukjes

Archief voor March, 2009

disney

Msasani Bay

disneywolken-goed1

Vandaag gaat alle attentie naar de wolken. Ze zijn zo groots dat de rest van de baai erbij in het niet valt. Het is alsof Walt Disney ze met een fijne penseel en alleen de allerzachtste pastelkleuren op film heeft gezet. Een achtergrond zo zoet en zacht dat hij zich desondanks naar de voorgrond dringt. Een veelheid van vormen. Rond, compact, langgerekt, vervliegend, scherp begrensd, zacht afgerond. Poeder, dons, schuim. En de kleuren. Wit dekt de lading niet. Tientallen witten, gelen, grijzen en alles ertussenin. Dan: de combinatie van vormen. Een ‘witte’ hoge wolk met een kilometerslange dunne ‘grijze’ horizontale wolk ervoor. Boven het grijs is de wolk wit, onder het grijs zijdegeel. Zou een fotograaf dit kunnen vastleggen? Een schilder? Hulpeloos zijn we.

 

16 februari 2009


ervaren

Msasani Bay

Arnon Grunberg beargumenteerde eens in de NRC wat de hoogste kunstvorm was. Ik kan me zijn conclusie niet meer herinneren. Is fotograferen meer dan schrijven omdat je het daadwerkelijk kunt laten zien? Is filmen meer dan fotograferen omdat je ook geluiden kunt laten horen? Is schrijven meer dan filmen omdat je om schrift te lezen geen projector nodig hebt? Omdat kleitabletten en stenen tafelen beter bestand zijn tegen de tand des tijds dan celluloid?

De hoogste kunst is kijken. Dit moet je zien, meemaken, ervaren. Een cameraman zou kunnen laten zien wat ik zie. Het grotere geheel, de details, de kleuren, vissers vogels wolken. Woorden zijn beperkt. Ik kan alleen opschrijven wat de cameraman ons moet laten zien, wat jullie zelf hier zouden moeten komen zien.

Maar de zilte zeelucht kan de cameraman niet vastleggen. Hij kan je het briesje niet doen voelen. De zon ook niet, het zand tussen je tenen, de haren in je gezicht. De hoogste kunst is ervaren.

 

vrijdag 13 februari 2009, noen


kijken

Msasani Bay

Soms moet je niet schrijven maar gewoon kijken.

 

13 februari 2009, ochtend 


schuchtere jongens

Msasani Bay

Ontspannen gesnorkeld in Msasani Bay, op een paar honderd meter van het strand van de Yacht Club. Veel geel-met-zwart-gestreepte visjes, alsof ze net ontsnapt waren uit de gevangenis. Ze waren erg nieuwsgierig. Ze zwommen om me heen alsof het jaren geleden was dat ze voor het laatst een mens hadden gezien.

Was het maar zo. Ik was niet de enige op zee. Meer →


Niet toeteren maar foeteren

27|03|2009 09:09

Tanzaniaan fietst over snelweg
UTRECHT – Een 33-jarige student diergeneeskunde uit Tanzania dacht woensdagmiddag op zijn mountainbike een stukje te kunnen afsnijden via de snelweg. Onderweg van zijn huis in Utrecht naar de universiteit op De Uithof werd hij door de politie van de A27 geplukt. Tussen het langsrazende verkeer viel de Tanzaniaan met zijn wollen muts en handschoenen op de vluchtstrook snel op. Volgens de man is fietsen op de vluchtstrook in zijn eigen land heel normaal.
Bron:
Algemeen Dagblad, 4 januari 2007.

Inderdaad. Het is in Tanzania volkomen normaal om op de snelweg te fietsen. Dar es Salaam kent nauwelijks fietspaden, dus fietsers, guta’s (bakfietsen) en handkarren rijden gewoon over de weg. Ik vind het wel charmant, maar de olie moet wel heel erg pieken wil ik op de snelweg gaan fietsen.

Onder expats, emigranten, backpackers en toeristen is het gebruikelijk om te stellen dat de Afrikaanse rijstijl chaotisch en agressief is. Ik ben het hier niet mee eens.

Goed, als je wilt invoegen in een file moet je wel assertief zijn en je neus erin drukken, maar dan laat iedereen je ook voor. Ook als je zelf geen opening creëert, zijn er altijd automobilisten die een gaatje voor je maken. Ze knipperen met hun koplampen als teken dat je kunt – of soms als teken dat zíj willen, of soms als teken dat ze nu gáán. Toegegeven, dat kan verwarrend zijn, maar in de praktijk werkt het voortreffelijk.

Elke vorm van revolutie is de Tanzaniaan vreemd. Toeteren doen ze dan ook nauwelijks. Natuurlijk is er wel eens een claxon te horen, maar incidenteel. Een Tanzaniaanse toeter heeft bovendien een andere betekenis dan een Nederlandse. Niet: Rij door klootzak! of Doe normaal eikel!, maar: Pas op! Ik kom eraan! Tanzanianen toeteren als ze je tegen zichzelf willen beschermen. Bijvoorbeeld: iemand staat op het punt om je in te halen en geeft een korte hoot om je te waarschuwen, want hij ziet dat vóór jou een daladala stopt, een openbaar minibusje, en begrijpt dat jij dus naar zijn baan wilt uitwijken. Zo beleefd! Dank je wel!

Geintje? Of zou het echt verboden zijn? Muurschildering in Kigamboni, Dar es Salaam.

Geintje? Of zou toeteren echt verboden zijn? Muurschildering in Kigamboni, Dar es Salaam.

In feite toeteren Tanzanianen dus als ze je van achteren naderen en knipperen ze als ze je van voren naderen. Ze toeteren alleen als knipperen niet werkt. Slim, want knipperen is duidelijker dan toeteren. Een toeter kan van elke auto komen, bij een knipper zie je van welke auto hij komt. Knipperen is ook vriendelijker. Toch toeter ik zelf eerder dan dat ik knipper. Die toeter zit zo lekker vindbaar op het stuur: je hebt hem meteen te pakken. Met dat licht is het toch altijd een beetje tasten onder het dashboard, en het is altijd even nadenken of je de lichtschakelaar moet kantelen (en dan naar welke kant) of naar je toe moet trekken. Mijn oplossing: op het stuur twee knoppen, één voor de toeter en één voor een korte knipper met het licht.

Erger ik me dan nergens aan? Jawel. De roekeloosheid van de langeafstandbussen buiten de bebouwde kom. En de irritante gewoonte van Tanzanianen om eerst af te remmen en dan pas het knipperlicht aan te zetten. Dat veroorzaakt veel bijna-ongelukken en ongetwijfeld ook veel echte, omdat er in Tanzania geen uitvoegstroken zijn. Zomaar afremmen op de snelweg dus, of wat daar voor doorgaat. Mijn Nederlandse neiging om in zo’n geval voluit te toeteren bedwing ik, maar ik zit soms wel te foeteren. Niet toeteren maar foeteren – een aardige kreet voor Veilig Verkeer Nederland.

In Zambia ergerde ik me mateloos aan de stand van de koplampen. De koplampen zijn niet naar het wegdek gericht, maar schijnen recht de nacht in. Kennelijk denkt men dat dat de juiste afstelling is. Als zo’n auto je nadert voel je je net een konijn in het licht van een schijnwerper. Je ziet niets meer, het enige wat je kunt doen is eindeloos knipperen met je groot licht en ondertussen proberen op de weg te blijven. Ik bedacht – het is de technisch schrijver in me – dat ik een duidelijke gebruiksinstructie met pictogrammen zou moeten maken en deze zou moeten distribueren over de garages in Lusaka:

auto-voor-weblog2


Twee watersystemen

25|03|2009 13:48

Dus als ik het goed begrijp hebben we 2 watersystemen, 3 watertanks, 4 waterpompen, 5 knopjes verdeeld over twee plaatsen in de tuin en één cruciaal kraantje?

Een huis met 2 watersystemen, 3 watertanks, 4 waterpompen, 5 knopjes verdeeld over twee plaatsen in de tuin en één cruciaal kraantje.

– Schat, kun je het me nog één keer uitleggen?
– Okee. Er zijn twee watersystemen.
– Ja.
– Stadswater en grondwater.
– Ja.
– Standaard loopt het stadswater naar de onderste tank. Als de waterpomp aan staat, wordt het water van de onderste tank in de bovenste tank gepompt. In de bovenste tank kan 1000 liter water, dus als er geen stroom is heb je nog 1000 liter water die met de zwaartekracht het huis in kan vallen.
– Waar zit die waterpomp?
– Het is het middelste knopje van de drie knopjes bij de veranda.
– En die knopjes achterin de tuin dan?
– Een daarvan is van de stadswaterpomp en twee zijn van de grondwaterpomp.
– Wat doet de stadswaterpomp?
Echtgenoot draait zich naar de westelijke muur van ons plot.
– Daar bij de tuinmuur komt het stadswater ons plot op, maar we zitten aan het eind van een pijp dus er is te weinig waterdruk om het water bij de onderste tank te laten komen. De stadswaterpomp pompt het water van de tuinmuur naar de onderste tank.
– En de grondwaterpompen?
Echtgenoot draait zich naar de stellage van de borehole.
– Die zitten daar. Eén pomp is een waterdrukpomp en de andere pomp pompt het water op uit de grond naar de grondwatertank.
– Welk knopje is wat?
– Dat weet ik niet.
– Okee, en als er geen stadswater is?
– Dan zet je de stadswaterpomp uit en de pompen van het grondwater aan en dan open je DIT cruciale kraantje (echtgenoot slaat wat lang gras opzij en ontbloot zo een onopvallend rood wieltje ergens in de tuin). Dan stroomt het grondwater in de lage tank en als de waterpomp aan staat daarna in de hoge tank. Dus dan heb je grondwater in plaats van stadswater in huis.
– Dus we hebben 2 watersystemen, 3 watertanks, 4 waterpompen, 4 knopjes verdeeld over twee plaatsen in de tuin en één cruciaal kraantje?
– Ja. Fluitje van een cent!

Het is mei 2006. We wonen net een paar weken in ons nieuwe huis in Dar es Salaam. Met dit huis zijn we buitengewoon in onze nopjes. Het is net gerenoveerd, dus we verwachten in een goedwerkend, tiptop huis te komen. De tuin is nog niet aangelegd, maar voor ons geestesoog zien we hoe het gaat worden.

De tweede week in ons nieuwe huis moet echtgenoot op field trip. Vlak voor vertrek legt hij nog één keer uit hoe het watersysteem werkt. Met enige tegenzin luister ik naar zijn uitleg. Ik wil eigenlijk niets weten over het watersysteem, ik wil gewoon water, klaar.

Het kwartje valt: geen elektriciteit = geen water

Als echtgenoot twee dagen weg is valt de elektriciteit uit. Tot mijn verrassing komt er die avond geen water uit de kraan. In eerste instantie begrijp ik het niet, maar het kwartje valt snel. Geen elektriciteit = geen water. Althans, geen elektriciteit = nog maar 1000 liter water. Vandaag hebben we een wasje gedaan en het huis schoongemaakt en de mannen in de tuin hebben het nieuwe gras besproeid en daarna allemaal gedoucht, dus rang, daar gaat je 1000 liter. Gelukkig ken ik de overbuurvrouw. Ik mag met mijn twee zieke kinderen bij haar komen douchen.

’s Nachts komt de stroom terug, maar ik heb de waterpomp uitgezet voor de nacht – hij zit naast mijn slaapkamerraam en maakt lawaai – en dus heb ik de volgende ochtend nog steeds geen water. !#$%$#! Ik voel me een uil, maar laat me niet kisten. Ik zet de waterpomp aan, maar om zeven uur ’s morgens valt de stroom weer uit. Je kunt de klok erop gelijk zetten. Met de kruiwagen breng ik mijn vuile was naar de overbuurvrouw.

Als de stroom ’s avonds terugkomt zet ik de waterpomp aan. De volgende ochtend heb ik eindelijk weer water. Opluchting! Helaas is het halverwege de middag op. Ik had niet gemerkt dat de elektriciteit opnieuw was uitgevallen en had de tuinlieden dus niet gemaand om niet te sproeien.

Oplettende lezertjes zullen opmerken dat er toch een reservewatersysteem was. Jawel, maar ook de pompen van het reservesysteem werken op elektriciteit. De meest oplettende lezertjes zullen opmerken dat de bovenste tank weliswaar leeg was, maar dat er toch ook water zit in de onderste tank? Inderdaad! Pas na maanden in ons huis kwam ik tot dat inzicht. Vanaf dat moment werd ons leven makkelijker. Als de stroom nu uitvalt en de bovenste tank leeg is, halen we met emmers water uit de onderste tank. Een prima oplossing. Inmiddels kan ik me volledig wassen met een emmer water en een teiltje. Eigenlijk zou ik er een instructiefilmpje van moeten maken: hoe uzelf te wassen met één emmer water en een teiltje. Deel 1 in een reeks korte filmpjes: Het Goede Leven in Afrika.


als een jongen

Msasani Bay

Ze is niet altijd mooi, Msasani Bay. Maar vandáág. Het is een paar dagen na volle maan en het is op zijn allerebst. Zelfs ver in zee is nog een zandplaat te zien. Alles is zo mooi plat. Het wad geeft diepte aan het landschap. Rijen vissers staan vanaf het laatste stukje wad netten binnen te trekken, hun silhouetten scherp tegen het landschap.

Wat is er nou zo mooi aan dat eb? Dat het zo ontspannen ligt uitgestrekt. Zo rustig. Als een jongen achterover, achteloos. Bloot, open, kwetsbaar, overweldigend. De verre stranden van de eilanden. Ook daar is het eb. Ik weet hoe het daar is. Witte vogels boven zee in de verte duiken in het water. Kijken naar ze geeft me een stukje van hun vrijheid.

 

11 februari 2009


herinneringen

Msasani Bay

De geur. Herinneringen. Zilt. Eb. Wad. Slik.


10 februari 2009


palmgier en kraaien

Msasani Bay

Afnemend tij. Wadgeur. Geluiden van steltlopers. De rollende roep van een regenwulp. Een palmgier laag over het wad, fladderend en glijdend. Nu gaat hij, roomwit en zwart, zitten op het slik. Net alsof zijn achterste in de inkt gedoopt is. Meteen komen er kraaien om hem heen zitten, alsof hij een lezing houdt. Maar nee, ze jagen hem op. De palmgier wankelt in de lucht en toont de witte vlekken onder zijn vleugelpunten.

 

9 februari 2009


impressie in adjectieven

Msasani Bay

Water: diep donkerblauw.
Lucht: ijlblauw.
Wolken: klein, wollig, wit, lichtgrijs.
Golven: puntig.
Getij: hoog.


3 februari 2009


test